Interventies
Risico voor de Staat op 31-12-2016
geld garanties
Interventies Risico voor de Staat op 31-12-2016
geld garanties
Overname Fortis / ABN AMRO 67.6815 34.7653 32.5463 31.7053 31.7053 31.7053 31.5053 25.8772 22.5442 0 0 32.6113 9501 9501 9501 9501 00 00 0 0
Nationalisatie SNS REAAL 0 0 0 0 0 3.8001 3.8001 2.7001 2.2001 0 0 0 0 0 0 4.1661 3.6001 2.6231 00 0
Kapitaal- verstrekkings- faciliteit 13.7501 7.5651 7.0651 3.5651 2.8151 2.0651 5651 5651 5651 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Garantiefaciliteit bancaire leningen 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 2.7401 47.1014 38.9973 32.6103 16.9002 9.8621 00 00 0 0
Verruiming deposito- garantiestelsel 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Voorfinanciering uitkering depositogarantie stelsel IJsland 1.2361 1.4351 1.4351 9921 7011 6241 11 00 00 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Back-upfaciliteit ING 0 15.8572 13.0841 10.2641 7.6551 2.7221 00 00 00 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Totaal risico voor de Staat op 31-12-2016
 
82.667 59.622 54.130 46.526 42.876 40.916 35.871 29.142 25.309 2.740 79.712 39.947 33.560 17.850 14.978 3.600 2.623 0
miljoen €

Overname Fortis / ABN AMRO

Samenvatting

Op 3 oktober 2008 nam de Staat de Nederlandse delen over van de bank-verzekeraar Fortis voor een bedrag van € 16,8 miljard. Doel van de overname was het afwenden van een mogelijk faillissement van Fortis/ABN AMRO: als systeemrelevante financiële instelling zou een faillissement onevenredige schade aan het financiële stelsel en de economie kunnen veroorzaken. Na de overname deed de Staat noodzakelijke aanvullende financiële interventies, zoals een herkapitalisatie en het verstrekken van leningen. Met de overname van Fortis/ABN AMRO kwam de Staat in het bezit van onder andere de bank ABN AMRO, de verzekeraar ASR en RFS Holdings (gezamenlijk bezittingen met RBS en Santander).

In 2015 is begonnen met de verkoop van onderdelen van Fortis/ABN AMRO. 

Uitgaven en ontvangsten

In onderstaande tabel is een overzicht gegeven van de totale uitgaven en ontvangsten van de Staat voor de overname van Fortis/ABN AMRO tot en met 31 december 2016. In de toelichting onder de tabel hebben we de ontvangsten opgenomen uit verkoop van aandelen na 31 december 2016.

Tabel: Uitgaven en ontvangsten Overname Fortis / ABN AMRO tot en met 31 december 2016*
  Totaalbedrag Bedrag
Totaal uitgaven 36.966  
Deelnemingen Nederlandse delen Fortis-concern (ABN AMRO, ASR en RFS Holdings)   27.955
Leningen ABN AMRO   800
Rentekosten Staat   8.211
Totaal ontvangsten 11.425  
Verkoop certificaten aandelen ABN AMRO   5.154
Verkoop Aandelen ASR   1.057
Dividend ABN AMRO, ASR en RFS   2.781
Renteontvangsten leningen ABN AMRO   2.124
Premieontvangsten garanties ABN AMRO   309
Saldo 25.541  

* Bedragen in € miljoenen.
* Bron: Ministerie van Financiën.

Toelichting bij de tabel uitgaven en ontvangsten

Deelnemingen Nederlandse delen Fortis-concern

Voor de overname van Fortis/ABN AMRO eind 2008 kwam de Staat met Fortis een prijs overeen van € 16.800 miljoen. Na de overname was onder andere herkapitalisatie van ABN AMRO nodig en werden onderdelen verkocht. In totaal heeft de Staat € 27.955 miljoen aan kapitaaluitgaven gedaan voor Fortis/ABN AMRO, zoals ook vermeld in het jaarverslag 2014 van het Ministerie van Financiën. In zijn jaarverslag over 2015 hanteert de minister van Financiën nu een toerekening van de historische aanschafwaarde naar de onderdelen ABN AMRO, ASR en RFS uit 2013 van NLFI: € 21.663 miljoen aan ABN AMRO, € 3.650 miljoen aan ASR en € 2.642 miljoen aan RFS Holdings.1 
Deze toerekening heeft destijds onder meer plaatsgevonden om de opbrengst van de verkoop van aandelen ABN AMRO tot uitdrukking te kunnen brengen op het toegerekende deel van ABN AMRO. Deze toerekening is behulpzaam om (toekomstige) inkomsten uit verkoop van aandelen op waarde te schatten. Het betreft evenwel een toerekening die niet is gebaseerd op specifieke kapitaaluitgaven van onderdelen van Fortis/ABN AMRO. Deze toerekening is daarom met onzekerheid omgeven.2

Rentekosten Staat

De rentekosten bestaan uit alle kosten die de Staat maakt voor de financiering van de overname van Fortis/ABN AMRO. Het gaat hierbij om de rentekosten tot en met 31 december 2016.

Verkoop certificaten van aandelen ABN AMRO

Het bedrag heeft betrekking op de verkoop van 23% van de certificaten van de aandelen ABN AMRO op 20 november 2015 en 7% van de certificaten van de aandelen ABN AMRO op 17 november 2016.

Verkoop aandelen ASR

Het bedrag heeft betrekking op de verkoop van 36,3% van de aandelen ASR op 10 juni 2016. Niet in het overzicht zijn opgenomen de ontvangst van € 452 miljoen uit de verkoop van 13,6 % van de aandelen ASR op 13 januari 2017 en de ontvangst van € 515 miljoen uit de verkoop van 13,3% van de aandelen ASR op 5 april 2017. In totaal heeft de Staat 63,2% van de aandelen ASR verkocht en hiervoor € 2.024 miljoen ontvangen.

Dividend

Het dividend heeft betrekking op het totaal aan dividend van ABN AMRO (€ 2.208 miljoen), ASR (€ 567 miljoen) en RFS Holdings (€ 6 miljoen).

Leningen ABN AMRO en renteontvangsten leningen

De leningen betreffen langlopende leningen die door ABN AMRO worden afgelost. Over deze leningen betaalt ABN AMRO rente aan de Staat (in totaal € 2.021 miljoen). Bij de renteontvangsten is ook de rente op de converteerbare leningen (€ 103 miljoen) meegeteld.

Premieontvangsten garanties

De premies hebben betrekking op de beëindigde garanties voor de Nederlandse hypotheekportefeuille en de zogenoemde tegengarantie vanwege de verkoop van de Hollandse Bank Unie.

Exitstrategie

De minister van Financiën beheert de belangen van de Staat en bereidt de verkoop  van Fortis/ABN AMRO voor (exitstrategie). De stand van zaken per 23 mei 2017 is als volgt:

  • ABN AMRO: Het aandeel van de Staat in ABN AMRO bedraagt 70%.
  • ASR: Het aandeel van de Staat in ASR bedraagt 36,8%.
  • RFS Holdings: Wegens gebrek aan interesse is verkoop  van het laatste gezamenlijk bezit van enige omvang, de Alawwal Bank (voorheen Saudi Hollandi Bank), lastig.
  1. NL financial investments (NLFI) beheert namens de Staat de aandelen van onder meer ABN AMRO en ASR. Zie verder: NL financial investments, Advies verkoopmogelijkheden ABN AMRO en ASR, 23 augustus 2013.
  2. In de brief van de minister van Financiën aan de Tweede Kamer bij het advies van NLFI (Tweede Kamer, vergaderjaar 2012-2013, 32 013, nr. 36, voetnoot 30) gaf de minister ook aan dat deze onderverdeling niet te maken is.